Hennenvlees, schapenvlees en stierenvlees… Welke hoort niet in het rijtje thuis? Het meeste vlees dat we eten, komt van het vrouwelijke geslacht. Mannenvlees vind je amper in de supermarkt, laat staan op ons bord. Waarom niet? YFM riep 2016 uit tot jaar van het mannenvlees. Een interview met Merijn Koops, kok en YFM-Brabander. Want: “Het is gruwelijk lekker!”

Echte mannen eten vlees, een gevleugelde uitspraak. Maar waarom eten die ‘echte mannen’ dan geen mannenvlees?

201622.merijn-koops-mannenvleesMerijn Koops: “Die mannetjes vind je bijna niet in de supermarkt. Ze produceren namelijk geen eieren of melk, hebben weinig vlees op het bot en je hebt er maar een paar nodig om nakomelingen te krijgen. Bovendien is het vlees iets steviger dan we gewend zijn.”

Wat gebeurt er dan met de mannetjes?

“Neem de kip. Je hebt eigenlijk twee ketens in de kippenwereld: de vleesketen en de legketen. Ons kippenvlees komt van de vleeskip, dit kan een haan of hen zijn. De eieren die we eten, komen van de legkip af. Legkippen komen natuurlijk uit een ei: uit de ene helft van de eieren komt dan een mannetje en uit de andere helft een vrouwtje. Legkippen zijn zo gefokt, dat alle energie gaat naar het produceren van eieren. Het zijn dus hele ranke kippetjes, met weinig vlees en weinig economische waarde. Aangezien de haantjes alleen nodig zijn voor de bevruchting en geen eieren produceren, worden ze vaak na één dag vergast. Dat is goedkoper voor de boer. Ofwel, de mannetjes zijn vaak overbodig.”

Jullie bewijzen het tegendeel.

“Wij willen het verhaal vertellen van mannenvlees; veel mensen zijn zich namelijk niet bewust. We zijn geen activisten en hebben dus ook geen hapklare oplossing, maar we maken mensen bewust van de stand van zaken. Mannenvlees eten is een deeloplossing, andere alternatieven voor het huidige systeem zijn bijvoorbeeld het gebruik van gesekst sperma (zo worden er geen mannen geboren red.) of zogeheten dubbeldoeldieren.Tijdens de Dutch design week in Eindhoven hebben we met een mannenvlees BBQ verschillende mannenvlees gerechten geserveerd. Mensen reageerden heel positief op ons verhaal en waren over het algemeen verrast. Veel mensen weten helemaal niet dat de vleesindustrie zo in elkaar zit.”

Waarom is het belangrijk dat we ook mannenvlees eten?

“Per jaar zijn zo’n 45 miljoen haantjes, 75.000 bokjes en 1,4 miljoen stieren een bijproduct. Volgens mij is dat al reden genoeg. Het gebeurt wereldwijd, maar vooral in de westerse wereld. Hier is de vleesmarkt tot een echte industrie omgevormd. Zo worden de eendagshaantjes verwerkt tot dierenvoer voor bijvoorbeeld dierentuinen. Aangezien we in Nederland vrijwel geen bokkenvlees eten, worden die deels geëuthanaseerd en verbrandt tot biogas. Een ander deel wordt naar Zuid-Europa vervoerd om daar vetgemest te worden. Die laatste markt is overigens krimpend, gelukkig. Het is zonde dat mannetjes een bij- en restproduct zijn. Dat is totaal niet nodig; ze hebben een heerlijke smaak. Kortom, gewoon lekker opeten.”

Hoe maak je het vlees dan lekker?

“Mijn moeder maakte vroeger wel eens coq au vin thuis, een heerlijk Frans stoofgerecht van haan. Als je voor de eerste keer een haantje gaat eten, raad ik dit gerecht aan. De haan stoom je dan in rode wijn en champignons. Het is gruwelijk lekker, perfect voor een etentje samen met vrienden en een goede fles wijn. De smaken verschillen natuurlijk per dier. Zo is bokvlees super kruidig en sterk van smaak en geur. Haan smaakt wat meer naar wild; de smaak van een haan zit tussen een kip en een fazant in. Het vlees van een stier is ook iets wilder, maar zelf vind ik stier en koe dicht bij elkaar zitten.”

YFM-Brabant is initiatiefnemer van het mannenvleesjaar. YFM is een nationale jongerenbeweging die zich inzet voor een eerlijker en gezonder voedselsysteem. Zij verkozen 2016 tot het ‘Jaar van het mannenvlees’. Aangezien in weinig supermarkten vlees licht van mannetjesdieren: leghaantjes kun je onder andere kopen via www.leghaantje.nl en stierenvlees via www.melkmannen.nl.

Recept: coq au vin

Ingrediënten (4 personen):

  • 1 leghaantje
  • 120 gram pancetta (of gerookt spek)
  • 200 gram kleine champignons
  • 1 potje zilveruitjes
  • 4 teentjes knoflook
  • 3 sjalotjes
  • 3 eetlepels (zonnebloem) olie
  • 40 ml cognac voor het flamberen (kan eventueel weggelaten worden als het niet in huis is)
  • Halve liter krachtige rode wijn uit de Bourgogne
  • Kwart liter kippenbouillon
  • Half bosje peterselie
  • 6 takjes tijm
  • 6 laurierblad
  • 50 gram ijskoudekoude boter
  • 2 eetlepels fijngehakte peterselie
  • Naar smaak zout en peper

Bereidingswijze:
Hak het legaantje in acht stukken en kruid met zout en peper. Snijd de pancetta in kleine blokjes, pel de sjalottten, maak de champignons schoon en hak de knoflook fijn. Verhit de olie in een braadpan en bak de pancetta glazig, voeg de sjalotten, knoflook en champignons toe en laat deze enkele minuten meebakken. Haal dan alles uit de pan en zet even aan de kant. Bak de stukken leghaan in de braadpan. Laat ze aan alle kanten goudbruin bakken en flambeer met de cognac, pas hierbij op voor de wimpers en wenkbrauwen! Giet de rode wijn en de kippenbouillon eroverheen en breng aan de kook. Pauzeer, neem zelf een flinke slok wijn en ga verder. Voeg de champignons, pancetta, knoflook en sjalotten toe. Bind de tijm en laurier samen en voeg het bosje kruiden toe. Laat afgedekt ongeveer een uurtje koken op een zacht vuurtje. Haal de stukken haan, de groentjes en het kruidenbuideltje uit de pan, giet de saus door een zeef, en laat deze een beetje inkoken. Klop met een garde de ijskoude boter in kleine klontjes door de saus en breng op smaak. Doe de haan en groentjes terug in de pan en bestrooi met fijngehakte peterselie. Serveer met gekookte aardappels doperwten en een goede fles wijn.