We wokken, braden en bakken onze groenten, maar de meestgebruikte techniek blijft toch koken. Denk je dat het koken van je groente niet mis kan gaan? Dan moet je nodig dit artikel lezen. Wij onthullen de negen grootste kookvalkuilen. Van je te veel water gebruiken tot op het laatste moment kruiden.

Valkuil 1: Niet koken, want rauw is gezond

Rauwe groenten bevatten vaak veel voedingsstoffen, maar voor aantal groenten geldt dat je lichaam de voedingsstoffen (met name eiwitten en vezels) pas kan opnemen als ze gekookt zijn. Sterker nog, een aantal groenten zoals broccoli of aardappelen leveren je nogal eens buikpijn op als je ze helemaal niet kookt.

Valkuil 2: Niet in gelijke stukken snijden

Enige precisie is wel belangrijk als je gaat koken. Je moet zorgen dat je groenten toch een beetje in gelijke stukjes gesneden zijn, anders is het ene stukje al gaar terwijl je de ander niet doorgebeten krijgt. Jak!

Valkuil 3: Te veel weggooien

Zeker bij biologische groente is het eigenlijk niet nodig om te schillen. Er zitten veel waardevolle stoffen in de schil die je niet kwijt wil. Ook het kookvocht waarin je al dat lekkers klaar maakt, moet je zeker niet weggooien. Het is een mooie basis voor sausjes, soep of een groentedrankje. Bovendien zitten hier nog veel vitaminen in die je niet wilt mislopen.

Valkuil 4: Eerst het water aan de kook brengen

Het water hoeft meestal niet eerst aan de kook gebracht te worden wanneer je groente gaat koken. Alleen groene groente moet je echt niet in koud water aan de kook brengen, omdat ze dan hun kleur kunnen verliezen en soms zelfs bruin aanslaan. Ziet er niet zo lekker uit.

Valkuil 5: Te veel water gebruiken

Het is niet goed voor je energieverbruik – slecht voor het milieu dus – en niet goed voor het behoud van waardevolle voedingsstoffen: koken van groenten doe je dus niet in een sloot water. Misschien is het een inkopper, maar een bodempje is echt voldoende. Je groenten mogen net onder staan. Zet ze met koud water op het vuur en verhit ze met de deksel op de pan.

Valkuil 6: Op het laatste moment kruiden

    Op het laatste moment je groente kruiden is niet altijd een aanrader: de smaken kunnen dan niet echt vermengen. Timing is dus wel een dingetje. Deze smaakmakers voeg je liever op het laatst toe:

  • Verse kruiden moet je altijd vlak voor het serveren over je groente snijden en strooien. Anders vervliegt de smaak.
  • Zouten kan in veel gevallen eigenlijk ook wel aan tafe, als je dat nodig vindt. Maar wacht daar even mee: verstandiger is het om eerst – voor je een hap neemt – een scheutje extra vergine olijfolie over je groente te gooien. Een mooie smaakmaker en supergezond. Het beetje vet zorgt dat je lijf waardevolle voedingsstoffen makkelijker opneemt.

Valkuil 7: Te gaar of niet gaar genoeg

Groente is perfect gaar als het nog een beetje knapperig is. Te gaar? Dan heb je pap of drek. Te rauw? Dan krijg je het lastig weggekauwd. Het is van groot belang om goed je groente in de gaten te houden als je ze kookt. Dat doe je als volgt:

  • Prikken: prik met een mes voorzichtig in de groente om te checken hoe het ermee staat.
  • Buigen: als je groente kunt buigen en ze niet slap zijn, ben je goed op weg.
  • Houd de kleur in de gaten: groente verkleuren als je ze kookt. Als ze bijna goed zijn, wordt de kleur doorgaans feller. Daarna kakt het in. Als je ze ziet verkleuren, proef dan even.
  • Proeven is de beste manier om te beoordelen of je groente gaar zijn.

Stelregel: groente zijn gaar zijn als ze zacht en sappig genoeg zijn om er met je mes doorheen te prikken. Als ze knapperig zijn, zijn ze ook buigzaam en dus niet slap. De kleur is fel.

Valkuil 8: Te laat uit de pan halen

Heel belangrijk: groente garen nog na in de pan. Te ver doorkoken is dus niet goed, ze moeten eigenlijk nog nét niet gaar zijn als je ze afgiet. Wie van knapperig houdt, kan zijn groente beter blancheren. Dan kook je ze maar een paar minuten, doorgaans vier tot zes minuten, daarna laat je ze vliegensvlug schrikken in ijskoud water. Let op: ze moeten niet in volledig koud worden in het ijswater. Je groente bewaart op deze manier prachtig zijn kleur en stevigheid. Maar je bent er dan nog niet. Blancheren is nog maar een opstapje, want de groente is dan meestal nog niet lekker. Je moet ze dan even bakken in olie of grillen. Met de oven op 200 graden levert dat meestal het beste resultaat op.

Valkuil 9: Alles afgieten in een vergiet

Harde groente kun je prima afgieten met een vergiet, maar zachte, kwetsbare groente beschadigen dan te veel. Die vis je liever met een schuimspaan uit de pan. De kleinste op verbrande vingers, is overigens het kleinst als je een vergiet hebt die perfect in je pan past. Je zet het vergiet in je pan: je pakt beide oren – van het vergiet en je pan – gelijktijdig vast en keert de boel om.