Wie aan ayurveda denkt, denkt al snel aan ingewikkelde Indiase recepten die niet in onze Hollandse keuken passen. Niet is minder waar. Hanne van Jaarsveld, natuurgeneeskundig therapeut gespecialiseerd in ayurveda en voeding, vertelt wat we van deze eeuwenoude geneeswijzen kunnen leren. “Leer kijken naar je type en pas hier je voedingspatroon op aan.”

1. Eet wat bij jouw type past

Hanne van Jaarsveld, natuurgeneeskundig therapeut gespecialiseerd in ayurveda en voeding: “Ieder mens is uniek, dus zo moet ook naar voeding gekeken worden. Als een tomaat voor de één gezond is, hoeft dat voor een ander nog niet zo te zijn. Daarom wordt vanuit de ayurveda heel erg rekening gehouden met je elementen. Je hebt luchttypes, vuurtypes en aardetypes. De verhouding van deze elementen bepaalt welke type je bent; pitta, kapha of vata. Dit is je DNA, je wordt ermee geboren en gaat ermee dood. Met de hulp van pols- en tongdiagnose en andere inzichten, weet je welk type je bent. Hier kun je vervolgens je voeding en levensstijl op aanpassen.”

2. Laat alle voedingshypes links liggen

“Veel mensen lopen de hypes achterna, terwijl dit volgens mij juist slecht voor je is. De één eet alleen nog maar fruit, de ander alleen maar zaden en pitten. Dat is veel te eenzijdig. Als je jouw type als leidraad gebruikt, geen bewerkte voeding eet en gevarieerd eet, raak je vanzelf in balans.”

3. Combineer alle smaken in een maaltijd

“In iedere maaltijd moeten eigenlijk de zes smaken vertegenwoordigd zijn: zoet, zuur, zout, scherp, bitter en wrang. Dit klinkt lastiger dan het is. Veel mensen hebben na het eten behoefte aan zoet en grijpen dan naar drop of chocolade. Ze hebben dan de zoetbehoefte gedurende de dag niet goed bediend. Je moet dan geen suiker toevoegen aan een maaltijd, maar honing en rozijnen bijvoorbeeld. Pasta, rijst en zoete aardappelen zijn ook zoet. Door langzaam te eten en dus veelvuldig te kauwen, wordt je voedingsbrei ook zoeter. Je hebt dan na een maaltijd veel minder de behoefte om te snaaien.”

4. Let op de combinatie van je voeding

“De combinatie van voedingsmiddelen is heel belangrijk. Een hele bekende is zuivel en fruit. Deze combinatie zorgt voor toxines in de darmen, een gistingsproces in het lichaam en uiteindelijk worden het gifstoffen in de darmen. Het is niet zo erg als je deze combinatie één keer per week eet. Maar als je het heel vaak eet, krijgen je darmen problemen. Groente en fruit is ook een slechte combinatie, zoals die shakes en smoothies die je nu vaak ziet.”

5.Ontbijt, lunch en dineer warm

“In de ayurveda horen bijna alle maaltijden warm te zijn. Voor ieder type is de maaltijd anders, maar begin de dag eens met een ei met groenten, pannenkoeken, havermout of een pap van boekweit. In de middag kun je makkelijk een stevige soep (eten-verwijderen) met een snee brood eten. Je maakt het van tevoren en neemt het mee in een thermoskan. In de avond zijn er gezonde opties genoeg. Kijk ook verder dan peper en zout en kies voor kruiden die je spijsvertering stimuleren, zodat je eten beter verteerd wordt. Zoals gember, kurkuma, komijn, koriander, kaneel en kardemom.”

Ben je benieuwd of je een vata, kapha of pitta type bent?

Om hierachter te komen, heb je eigenlijk een uitgebreide diagnose nodig aan de hand van je pols en tong. Maar deze beschrijving van de types helpt je al iets op weg:

Vata (lucht en ether): “Dit zijn meestal tengere, beweeglijke, kouwelijke mensen, waarbij de botten goed zichtbaar zijn in het lichaam. Het zijn creatieve en enthousiaste mensen, die van de hak op de tak springen en hun taken vaak niet afmaken. Vaak wisselende eetlust en energie komt bij vlagen. Vata types raken het snelst uit balans in de herfst en winter. Ze worden dan angstig, chaotisch, onzeker en gaan twijfelen. Het kan zich ook uiten in constipatie, winderigheid en krakende gewrichten.”

Pitta (vuur en beetje water): “Dit zijn de leiders onder ons, gepassioneerde en meer atletische figuren. Mensen met een sterke eetlust, die efficiënt zijn, goed kunnen praten, coördineren en organiseren. Het nadeel is dat ze boos kunnen worden als ze uit balans zijn. De woede stapelt zich op en ineens barst de bom. Als pitta types uit balans zijn, kunnen ze jaloers, eigenwijs en te perfectionistisch worden. Vaak hebben deze mensen rood haar en veel pigmentatie. Een verstoorde Pitta geeft vaak spijsverteringsklachten en diarree.”

Kapha (aarde en water): “Dit zijn vaak de wat rondere types met gezond dik haar en mooie witte tanden. Kapha types zijn hele stabiele, loyale en betrouwbare mensen, ze zijn gehecht aan traditie en houden niet van verrassingen of veranderingen. Het zijn lieve, loyale mensen die goed kunnen luisteren, maar zichzelf eerder vergeten. Ze hebben een hekel aan beweging, maar moeten wel in beweging blijven omdat ze vaak een trage spijsvertering hebben. Een verstoorde Kapha is vaak zwaarmoedig, bezitterig en wil veel slapen.”

Meer weten over ayurveda? Bezoek de website van Hanne van Jaarsveld »